Ik heb een zoon verloren. Nee, niet door de dood, ruzie of een verwaterd contact. Voor verlies kies je zelden en toch is dat wat we hebben gedaan: een realistische keuze om elkaar niet meer te zien.
R is nu nog getrouwd met dochter D. Ze gaan scheiden. Begin januari vertelt ze over de verborgen kant van haar huwelijk. Er spelen dingen die je als buitenstaander niet weet. J en ik zitten verbijsterd op de bank. De conclusie is al snel pijnlijk helder: dit kan niet meer worden gelijmd. Natuurlijk staan we achter haar.
R is als schoonzoon al meer dan zeven jaar in onze familie. Hij is de jongen die ons samengestelde gezin een oppepper heeft gegeven. Ineens voelt het zowaar compleet. Jaren van leuke dingen, vieringen, etentjes, hotels, een vaartocht, de Euromast, een wijnproeverij en ga zo maar door. Ieder samenzijn met R is een feest, zei ik afgelopen kerst nog. Hij is een gangmaker, brengt spelletjes en wijn mee, helpt met het inruimen van de vaatwasser, is geïnteresseerd in alle overige familie. Ik draag hem een warm hart toe.
Een scheiding betekent afscheid nemen. Het is niet logisch, niet realistisch om contact te houden. Bovendien is alles zo pijnlijk voor R, dat hij ook het liefst meteen radicaal breekt met ons. Wij zijn zeer gewaardeerde schoonouders. Die krijgt hij nooit meer, meent hij.
Om het open einde te dichten hebben we afgesproken in een wegrestaurant te Nieuwegein. We hebben een intens gesprek. We horen zijn kant van het verhaal. Natuurlijk is dat ook plausibel. De versies van hun werkelijkheid mogen naast elkaar bestaan. Ontrafelen van de waarheid is onbegonnen werk. De enige waarheid ligt in de tranen die we vergieten. We houden elkaar voor het laatst vast. Hij zal een ander maatje moeten zoeken om monopoly mee te spelen, ons geliefde spel. Snik.
Zeven jaren schoonmoeder en schoonzoon vallen straks weg in een voortschrijdende tijd. Toch wil ik mijn verlies niet te vroeg wegwuiven en bagatelliseren. Ik heb een zoon verloren.
